Monument voor omgekomen vliegers WO2 in Diemen | Geld inzamelen
 
 

Monument voor omgekomen vliegers WO2 in Diemen

Het inrichten van een monument voor omgekomen vliegers in Diemen op 12 juni 1943

Vijf geallieerde bemanningsleden komen om in de Overdiemerpolder
De laatste vlucht van Wellington HE 154

In de vroege morgen van de 12e juni 1943 voltrok zich in Overdiemen, vlak bij boerderij “De Zeehoeve”, een vliegtuigramp. Een neergeschoten Wellington bommenwerper van de Royal Australian Air Force (RAAF), op retourvlucht van een bombardementsmissie boven Düsseldorf naar zijn basis in Engeland, boorde zich in het weiland van boer Cornelis Hennipman. Hierbij kwam de gehele crew, bestaande uit één Engelse en vier Australische bemanningsleden om het leven.

466 (RAAF) Squadron
Door uitgebreid archiefonderzoek weten we dat het neergestorte vliegtuig een Vickers Wellington Mark X bommenwerper was, die deel uitmaakte van het 466 Squadron van de Royal Australian Air Force (RAAF). Dit squadron was onderdeel van de 'No. 4 Group' van het Bomber Command van de Royal Air Force (RAF).

Het Australische 466 squadron, met de wapenspreuk “Brave and True", werd op 10 oktober 1942 opgericht. Er werd binnen dit squadron voornamelijk met Wellington en Halifax vliegtuigen gevlogen. De thuisbasis in Engeland was het vliegveld Leconfield (ten noorden van Hull in Yorkshire).

 

'Crew 49'
Dankzij het feit dat de Australische regering uitermate behulpzaam is met het openstellen van hun archieven voor onderzoekers van de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog zijn er veel gegevens bekend van de Australische bemanningsleden van HE 154. In de dossiers van de Royal Australian Air Force zijn ook foto's van de bemanningsleden opgenomen.

 F/sgt. Fletcher Green

De pi1oot van HE 154 was flight sergeant Fletcher William Randall Green (RAAF 408829). Hij werd op 9 augustus 1919 geboren in het plaatsje Numurkah in de provincie Victoria in Australië. Zijn vader was George Edward Green (1875-?) en zijn moeder Agnes Isabella Green-Kilpatrick (1875-1948). Fletcher was enig kind. In 1943 was vader George reeds overleden en was moeder Agnes “next of kin” (naaste bloedverwant). Ze woonde toen in Mundoona, ook in de provincie Victoria.

Op 23 mei 1941 meldde Green zich in Melbourne als vrijwilliger bij de Australische luchtmacht. Hij kreeg zijn vliegopleiding als piloot op een Wellington bommenwerper bij de RAF in Engeland. Zijn loopbaan als vliegenier die zelfstandig een missie mocht uitvoeren begon op 21 mei 1943. Het was een zogenaamde “Garden Mission”. Deze missie bestond uit het 's nachts nauwkeurig uitwerpen van mijnen in de Noordzee. Hij vloog toen de Wellington HE 389. Zijn bemanningsleden, navigator sgt. K.E. Fletcher, radiotelegrafist/schutter sgt. E.D. Milliken en staartschutter sgt. J.F. Mell hadden ook de Australische nationaliteit en dienden ook bij de RAAF. De bommenrichter/schutter sgt. A.S. Jones was een Engelsman in dienst bij de RAF. De bemanning in deze samenstelling werd “Crew 49” genoemd.

Voor het bombarderen van doelen in Duitsland werden door de geallieerde luchtmachten alleen piloten ingezet die reeds ervaring hadden in dergelijke gevaarlijke missies. In de loop van 1943, toen de bombardementsvluchten boven Duitsland sterk werden uitgebreid, was het vinden van ervaren piloten echter een groot probleem. Veel bommenwerpers werden neergeschoten, waarbij bemanningsleden werden vermist, krijgsgevangen waren genomen of om het leven waren gekomen.

Voor sgt. Green werd besloten dat hij bij deelname als “second Dickie" (tweede piloot) van een bombardementsmissie naar Dortmund (in de Wellington HE 531) genoeg ervaring zou opdoen om daarna zelfstandig bombardementsmissies boven Duitsland uit te kunnen voeren. Wellington HE 531 met "Crew 31" keerde veilig terug van de nachtvlucht van 23/24 mei en de RAAF had er weer een 'ervaren' piloot bij.

Slechts twee dagen later (25 mei 1943) werd het ernst voor sgt. Green en zijn “Crew 49". Er stond een bombardementsmissie naar Düsseldorf op het planbord. Samen met een paar honderd andere bommenwerpers van het RAF Bomber Command vertrokken ze 's avonds om 23.21 uur, om vroeg in de morgen (03.48 uur) weer veilig op Engelse bodem te landen.

Voor zover valt na te gaan heeft sgt. Fletcher Green met 'Crew 49' hierna in het totaal maar een relatief klein aantal missies kunnen volbrengen.

 F/sgt. Kenneth Fletcher

De navigator van 'Crew 49' was flight sergeant Kenneth Edwin Fletcher (RAAF 414782). Hij werd Op 16 mei 1922 in de Australische stad Brisbane, in de provincie Queensland, geboren. Zijn vader was George Edwin Henry Fletcher en zijn moeder Dorothy Myrtle Fletcher. Het gezin Fletcher woonde medio 1943 in het plaatsje Corinda bij Brisbane.

Op 9 november 1941 meldde Kenneth Fletcher zich in Corinda als vrijwilliger bij de Australische luchtmacht. Ook hij kreeg zijn specialistische opleiding bij de RAF in Engeland.

 F/sgt. Edward Milliken

Flight sergeant Edward David Milliken (RAAF 420233) werd op 22 september 1921 in de plaats Punchbowl (nabij Sydney) de Australische provincie New South Wales geboren. Zijn vader was David Thomas Milliken (overleden 23 juni 1941) en zijn moeder Martha Augusta Milliken. Edward was getrouwd met Doreen Milliken. Zij was gedurende de oorlog vrijwilligster bij de Australian Army Medical Womens Service (AAMWS).

De deelname van Edward aan de Tweede Wereldoorlog begon op 11 oktober 1941 toen hij zich als vrijwilliger bij de luchtmacht in Punchbowl liet inschrijven. Na een basisopleiding in Australië kreeg Milliken bij de RAF in Engeland een opleiding tot “wireless radio operator / air gunner”. Dus als radiotelegrafist moest je met de ene hand een seinsleutel en met de andere hand een mitrailleur kunnen bedienen.

F/sgt. Frank Mell

De staartschutter ('rear' of 'tail' gunner) van “Crew 49' was flight sergeant John Francis Mell (RAAF 413631). Hij werd op 19 juni 1916 in Australië geboren in het plaatsje Goodiwindi in de provincie Queensland. Zijn vader was William Frederic Mell en zijn moeder Ethel Mell. Frank Mell was getrouwd met Una Irene Mell. Ze woonden in Bingara in de provincie New South Wales. Op 12 september 1941 liet Frank zich in Sydney registreren als oorlogsvrijwilliger bij de Australische luchtmacht.

Sgt. Arthur Jones

Helaas is van sergeant Arthur Sidney Jones (RAF 1388330) niet veel bekend, zelfs geen foto. Als Engelsman diende hij weliswaar als vrijwilliger bij de Royal Air Force, maar was ingedeeld bij het Australische 466 Squadron. Zijn functie als lid van 'Crew 49' was bommenrichter ('bomb aimer') en schutter in de 'beam position'.

De fatale missie
Wellington HE 154 maakte deel uit van een groep van maar liefst 783 geallieerde bommenwerpers die in de nacht van de 11e op de 12e juni 1943 Düsseldorf gingen bombarderen. Hierbij werd een gebied van 5 bij 8 km geheel verwoest, met name een deel van het stadscentrum, 42 industriële bedrijven, 20 militaire objecten en 8 schepen. Van de 143 ingezette Wellington bommenwerpers die aan deze raid deelnamen kwamen er tien niet retour waaronder de HE 154. Het “Operations Record Book” van de RAAF van 12 juni 1943 vermelde hierover:  Glow of fires seen on return after passing AMSTERDAM. This aircraft took off at 23.14 and has been reported missing.

Luchtbeschermingsdienst
Reeds in 1936 werd in Nederland de Luchtbeschermingsdienst (LBD) opgericht die de bevolking moest waarschuwen voor eventuele vijandelijke luchtaanvallen. De dienst had op allerlei strategische locaties uitkijkposten. In het Rapportenboek van de Uitkijkpost ‘WK’ van de Amsterdamse LBD” (de uitkijkpost op het dak van de 'Wolkenkrabber' in Amsterdam-Zuid) van 12 juni 1943 vinden we de volgende interessante registratie:

2.17 uur: WK meldt: op 15° + 40° + 45° afweer.

2.18 uur: WK meldt: vliegtuig naar beneden geschoten op 15° ver weg.

De Wellington blijkt dus op 15° (pal ten oosten van de 'Wolkenkrabber') te zijn beschoten en zou om 2.18 uur “ver weg” neerstorten. Er werd niet vermeld welk Duits luchtdoelgeschut het geallieerde toestel had neergeschoten.

FLAK
Uit het bewaard gebleven vluchtplan van de HE 54 kan worden opgemaakt dat de bij de geallieerden bekende Duitse luchtafweerstellingen (FLAK) zo veel mogelijk werden ontweken. De retourvlucht van de HE154 liep vanaf uit Düsseldorf via Arnhem naar de kust van het IJsselmeer om over Muiden, Diemen, Amsterdam Oost en de kop van Noord-Holland naar de vliegbasis in Engeland terug te keren. Vooralsnog wordt aangenomen dat de HE154 werd aangeschoten door een mobiele Duitse FLAK-eenheid die zich nabij Muiden of Overdiemen moet hebben bevonden.

Over de exacte locatie waar HE154 in 1943 was neergestort is in de loop der jaren wat verwarring ontstaan. Een aantal wrakstukken was weliswaar in de gemeente Muiden neergekomen, maar het grootste gedeelte echter binnen de gemeente Diemen. Het Ministerie van Defensie vermeldt in haar “Verliesregister 1939-1945” als tijdstip van de crash 02.16 uur en als crashlocatie “Diemen (Overdiemerpolder)”.

Nog voordat de zon op de 12e juni was opgekomen, waren Duitse militairen al met man en macht bezig om de restanten van de Wellington te bergen. Vanwege de harde landing van HE 154 was één van de motoren geheel afgebroken en meteen in het drassige weiland weggezakt. Door gebrek aan de juiste apparatuur lukte het de Duitse bergers niet om de motor weer boven de grond te krijgen en af te voeren. De berging van het vliegtuigwrak nam zo'n vier dagen in beslag.

 


 

Begraafplaats "De Nieuwe Ooster"
Namens de gemeente Diemen waren de gemeente-architect Jan de Boer en de gemeenteambtenaar Reinier Ruigrok van der Werve als verplichte getuigen aanwezig bij de berging van de stoffelijke overschotten van de bemanningsleden. De lichamen van de militairen werden naar de Amsterdamse "Oosterbegraafplaats"  (thans "De Nieuwe Ooster" genaamd) vervoerd, waar ze op 15 juni 1943 in noodgraven werden begraven. Pas eind juli 1943 kwam er bij de geallieerden een mededeling binnen van het Internationale Rode Kruis te Genève dat, gebaseerd op buitgemaakte Duitse documenten (“Totenlist Flugplatz Kommando”), met zekerheid kon worden aangenomen dat 'Crew 49' niet meer in leven was. Na deze bevestiging werden de Australische bemanningsleden uit eerbetoon postuum bevorderd tot de rang van Flight Sergeant.

Thans ligt ‘Crew 49’ bij elkaar begraven op het ereveld voor geallieerde militairen op begraafplaats "De Nieuwe Ooster" te Amsterdam. De locatie is vak 69, rij C met de collectieve graven 16 en 17.

 

Reconstructie
Als alle feiten op een rij worden gezet ontstaat er een redelijk compleet beeld van de tragische gebeurtenissen die in de nacht van de 11e op de 12e juni 1943 hebben plaatsgevonden. Gezien het vluchtplan vloog HE154, na het afwerpen van zijn bommenlast op Düsseldorf, over centraal Nederland terug naar zijn basis in Engeland. Gezien het vliegplan is het zeer aannemelijk dat een FLAK-batterij in de omgeving van Muiden of Overdiemen verantwoordelijk was voor het neerschieten van HE154.

Er moet door de bemanning een belangrijke keuze zijn gemaakt om het aangeschoten en brandende toestel per parachute te verlaten, of een noodlanding te maken. Geraadpleegde deskundigen op het gebied van de luchtvaart merkten op, dat de drie propellerbladen van de opgegraven Bristol Hercules vliegtuigmotor in de zogenaamde ‘vaanstand’ staan. In deze stand worden de schroefbladen evenwijdig aan de vliegrichting gezet en veroorzaken zo de minste luchtweerstand. Deze procedure is noodzakelijk bij het maken van een noodlanding waarbij beide motoren zijn uitgevallen. Omdat de Wellington nu functioneerde als een zweefvliegtuig werden ook kostbare minuten gewonnen om in het donker een geschikte locatie voor een noodlanding te vinden. Kennelijk was de opgelopen schade zo groot dat een koerswijziging naar het iets noordelijke gelegen IJsselmeer niet meer mogelijk was. Het werd echter het weiland van boer Hennípman in Overdiemen. De wetenschap dat een onbestuurbaar brandend vliegtuig zeer waarschijnlijk op Diemense of Amsterdamse woonhuizen zou neerstorten, deed de bemanning kennelijk besluiten om te trachten om een gecontroleerde noodlanding te maken. Helaas moesten ze deze heldendaad met hun leven betalen.


 

Naschrift
Door een aantal personen, die geïnteresseerd waren in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, werd lange tijd overwogen om de achtergebleven Bristol Hercules vliegtuigmotor op  te gaan graven. De exacte locatie was immers nog steeds bekend.  Het juiste moment kwam op 19 januari 1985 toen vanwege de strenge vorst de meeste sloten en weilanden bevroren waren en een bergingsoperatie met een kleine graafmachine mogelijk was. Met name de Diemense amateur-historicus en publicist Frits Reurekas was initiatiefnemer van de bergingsactie.

Na reiniging werd de historische vliegtuigmotor door de fa. Koninklijke Saan voorzien van een verrolbaar ijzeren framewerk. Zo kon de circa 900 kg zware vliegtuigmotor makkelijk worden verplaatst en tentoongesteld. Een tijd lang werd de motor geëxposeerd in het vliegtuigmuseum te Lelystad. Ook tijdens de 50-jarige herdenking van de Tweede Wereldoorlog was de motor tijdelijk te zien in Diemen als onderdeel van een grote thema-tentoonstelling in het (oude) Winkelcentrum ‘Diemerplein’.

Door bemiddeling van de Historische Kring Diemen en assistentie van de Fa. Koninklijke Saan, is het gelukt om de Bristol Hercules vliegtuigmotor van de Wellington HE154 te verwerven uit particulier bezit. De motor werd tijdelijk toegevoegd aan de collectie van het Saan Museum te Diemen. In overleg is de motor beschikbaar om te worden opgenomen in een herdenkingsmonument ter ere van de moedige daden van de Britse/Australische bemanningsleden an de HE154.

 

 Bronnen

- Royal Air Forces Association (1077) Amsterdam Branch

- Friends of 466/462 Squadrons Association

- National Archives of Australia (NAA)

- The National Archives, UK (NA)

- Bundesarchiv Militaerarchiv, Freiburg, Duitsland

- Stadsarchief Amsterdam (SAA)

- Gemeentearchief Diemen (GAD)

- Historische Kring Diemen (HKD)

- Ministerie van Defentie (Verliesregister)

- Comité 40-45

- Commonwealth War Graves Commission

- Begraafplaats "De Nieuwe Ooster", Amsterdam

- Studiegroep Luchtoorlog 1939-1945 (SGLO)

- Stichting Aircraft Recovery Group 1940-1945

 

Publicaties

- Bakker, A.: Overdiemen; vooronderzoek conventionele explosieven, Gemeente Amsterdam, 06-02-2018.  

- Friedrich, Jörg: Der Brand; Deutschland in Bombenkrieg 1940-1945, 2002.

- Krook, Wiard: De laatste vlucht van Wellington HE-154, in: Diemens Oorlog, Historische Kring Diemen, Diemen 2015, p. 134-148.

- Middlebrook, Martin & Chris Everitt: The Bomber Command War Diaríes; an operational

reference book 1939-1945, Barnsley, 2014.

- Reurekas, J.F.: Diemen 1940-1945, Diemen, 1985.

 



Er zijn nog geen updates geplaatst voor deze actie.








 

Laat een reactie achter

9 donaties
€ 430,00
Doel: € 2.500,00
17% / 78 dagen te gaan